Sport was van groot belang voor de Duitsers tijdens de Tweede Wereldoorlog. Die werd niet alleen gebruikt om nationaalsocialistisch gedachtegoed te promoten, maar ook om “het volk” rustig te houden. Men dacht: wie sport, komt niet in opstand. Sport werd dus graag gebruikt. Zodoende zat het Olympisch Stadion regelmatig vol met sportliefhebbers. Er was slechts één uitzondering: de duivensport, die werd verboden. Dat duiven op bevel van de bezetter moesten worden afgemaakt, is een relatief onbekend aspect van de bezetting.
Het Olympisch Stadion in Amsterdam en de sport in zijn algemeenheid spelen al ruim zeventig jaar een belangrijke rol in het leven van oud-sportjournalist Bab Barens. In zijn boek Mijn Olympisch Stadion, bundelt hij verhalen over het stadion, dat hij als zijn tweede thuis beschouwt. Op Historiek publiceren we enkele fragmenten. In onderstaand verhaal staat de rol van duiven in en rond het Olympisch Stadion centraal.
https://historiek.net/wp-content/uploads-phistor1/2026/01/Duivenpoot-woii-1-320x213.jpg 320w,