37 Jaar zijn, ben ik met, laat ik hem X noemen, bevriend.  Zoals vrienden betaamt weet hij heel veel van mij en ik van hem. Hij weet met name wat we allemaal mee maakten met de man die aanbood met de duiven te helpen, ik weet over de misdragingen van een van zijn kleinzoons.
Zopas stelde hij een vraag die me verraste. Of ik wel eens wakker gelegen had van duiven. 

ORLEANS
De nacht voor Nationaal Orleans jonge duiven sliep ik wel eens slecht.
Het was zeker niet het vele geld dat ik gepoeld had. Daar dacht ik niet aan omdat ik te zeker was niet te verliezen.
Nee, het was iets anders. Ik wist van twee dorpsgenoten hoe gelukkig ik ze zou maken met een slecht resultaat en dat plezier gunde ik ze absoluut niet.  

MINIMAAL
Een van mijn instellingen was, sinds ik duiven heb, met zo weinig mogelijk inspanningen en ook zo weinig mogelijk duiven zo goed mogelijk te spelen.
Natuurlijk is het voor de sport maar goed dat niet iedereen zo is.
Wel, soms lag ik te piekeren over welke duiven niet te spelen voor de vlucht die volgde. Dat had twee redenen.
- Het prijspercentage. Hoeveel duiven mee en hoeveel prijzen was/is voor mij essentieel.
Ik kijk er nog naar, vooral ook bij gekende namen.
- Ik vind een van de hoofdzonden in duivensport duiven van een vlucht laten komen in een leeg hok. Vooral voor doffers funest, lijkt me.
Dus zocht ik naar (drog)redenen om duiven thuis te houden. De oude pakte ik die elke avond vast (had er nooit veel) en een pluimpje verkeerd betekende (beetje overdreven) ‘niet mee’.

GEVOLGEN
Destijds, in de 90-er jaren, kwam Jos de Zeeuw wekelijks langs voor een ‘bakje’ en om de krant, het NP Orgaan, door te nemen: ‘Wat kon of moest beter.’
En met hem op een lijn zitten was een hele opgave. Uiteraard werd ook gemolken.
Een reportage in het NPOrgaan was destijds heel wat wist ook hij en vond daarom dat iemand geen twee jaar na elkaar in de krant mocht staan. Ook al was die enkele jaren achtereen Afdelingskampioen en ook al heette die A. S.
Ook zette hij vragen bij mijn prijs percentages.

ANDERE JOS
Dat laatste deed ook een andere Jos. Jos St uit Baarle. Me beschuldigen deed hij niet maar hij zei wel erg vaak tegen wie het maar horen wilde ‘het kan toch niet dat hij (AS) alleen maar goede kweekt en wij alleen maar slechte?’
Hij doelde op ‘the magic bottle’, ‘selectie’ (de 'toverformule'), was het laatste wat bij de twee Jossen op kwam. 
Ofwel: Alleen maar kansrijke duiven (met kwaliteit) door houden en alleen maar kansrijke duiven (in vorm) spelen.
‘Dus welke duiven thuis houden en Orleans’ hield me wel eens wakker zei ik tegen 'X'. 
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------     

De kop er af 

Nee, niet van een duif die niet presteerde, maar van het seizoen 2026. Voor de Belgen betekent dat na twee of drie vluchten die smetteloos verliepen.
Afgelopen weekend wel met een dag uitstel maar dat was het waard.
Quievrain in Antwerpen verliep in een flitsend tempo, concoursduur een dikke 5 minuten. De Chimay duiven vlogen sneller maar de concoursen duurden tot 20 minuten. Overigens word ik niet vrolijk van uitslagen in kijken.
Het verschil met vroeger is te groot.

EVALUEREN
In Nederland doet ene Nico van Veen verwoede pogingen de sport van de ondergang te redden. Mogelijk kunnen data helpen. Kijk ik om me heen dan werd Wouter lid in navolging van zijn vrouw, Toon nam de hobby over van zijn zoon en Dave van zijn bazin. De vader van Ronny speelde niet met duiven, bij zowat alle  anderen is dat, voor zover ik weet, wel het geval.
Bij mij kwam daar 'de buurt'' bij. Alle naaste buren; links, rechts of tegenover hadden duiven. Je vader op volgen betekent toch dat het niet zo’n beroerde hobby is, zoals sommigen beweren. Nico zou ook eens na kunnen gaan waarom sommigen stoppen.

WARM BAD
Met W de Br enkele keren dicht bij huis in een forum gezeten. Herinner me nog dat hij vond dat velen er zo gelaten bij zaten. Niet het minste enthousiasme. Samen ook een keer naar Friesland geweest voor een forum.
Hoe anders was het daar, ook vanwege zo veel jongere liefhebbers.
Beginners moeten begeleid worden, de club moet als een warm bad voelen.
Maar wat is realiteit? Ze worden hartelijk welkom geheten, maar vervolgens worden ze aan hun lot over gelaten, moeten ze het zelf maar uitzoeken.
Zelf herinner ik me van vroeger vooral de vele ruzies.

GEZIN    
Belangrijk is ook hoe de gezinsleden, vooral je partner, tegenover de sport staan. Is die tegen dan zal je nooit een kampioen worden en ook niet echt genieten. Wel erg dat sommigen het er zelf naar maken.
- De kinderen worden met een snauw van het gazon gestuurd, die moeten stil zijn want ‘duiven moeten rust hebben.’
- Na een slechte vlucht zijn sommigen niet te genieten.
 -Zo zat als drie Zwitsers van het inkorflokaal komen elke keer als goed gespeeld is?
- Een gezicht als een oorworm telkens als slecht gespeeld werd?
- Kinderen die nooit met vakantie konden omdat pa duiven had?
Allemaal sfeerbedervers die weerstand opwerpen.
Een goede sfeer in de club houdt mensen er bij, maar ook in je directe omgeving moet het goed zitten. Ik had voor mijn huwelijk nogal veel hobby’s. 
Mijn vrouw kon het beste leven met duiven, dus koos ik daar voor.
Je partner hoeft de stront echt niet te kuisen, hoor. Weten dat ze je hobby steunt volstaat al. Een partner die tegen je hobby is? Je moet er toch niet aan denken.